nu het donker wordt

tussen de lijnen is het winter
ritselt en kraakt en klooft het
landschap in de dop

ach die geuren een herfstvol
rottende ingevingen plannen
zingeving verstoringen verlies

bittermooi kan het zijn
als trouweloos een lach
door die gangen dwaalt

zo zwoegt mijn klok uren
naar nieuwe werkelijkheid
verstrooit mijn laatste licht